Pleidooi voor betrokkenheid, strijdvaardigheid, politiek syndicalisme en marxisme.

Wat heb ik geleerd op 29 jaar VRT?

Beste lezer, naar aanleiding van mijn pensioen heb ik eens nagedacht over mijn loopbaan bij VRT en daaruit 29 lessen afgeleid, 9 over de VRT, 16 over vakbondswerk en nog enkele over het marxisme en over mezelf. Als het allemaal wat te gebald overkomt, vanaf 1 juni heb ik tijd genoeg om alles van commentaar te voorzien op eenvoudige vraag en uiteraard multimediaal. Het is ook allemaal nogal inhoudelijk, het zijn lessen, maar er zijn natuurlijk ook veel mooie herinneringen. Daar zal ik het over hebben op mijn blog.

  1. Betrokkenheid kan je niet outsourcen. Een vroegere CEO van de VRT vertelde eens: “Wat ik niet begrijp van de VRT-medewerkers is dat ze allemaal zeer veel kritiek hebben op wat er allemaal gebeurt op VRT, maar dat ze er allemaal doodgraag werken”. Betrokkenheid is waar het allemaal om draait bij VRT en dat is wat deze persoon en andere managers uit de privé moeilijk begrijpen. Wij werken hier omdat we iets willen bijdragen aan de samenleving. “De openbare omroep” is voor ons geen hol begrip. Toen we de tekst “15 veel gestelde vragen over de openbare omroep” uitbrachten, waren veel jongeren daar zeer tevreden over. Het waren wij, de vakbonden, die moesten uitleggen wat de ziel van de omroep is. En toen we dan in volle actieberoering over het besparingsplan van de regering Bourgeois, een interview versierden in De Standaard, verscheen dat onder de prachtige titel “Betrokkenheid kan je niet outsourcen”. De volgende week lag het kot plat.
  2. Eén ding heb ik ze niet geleerd gekregen, manieren. Één ding heb ik niet opgelost, respect voor de medewerker. Juist omwille van die betrokkenheid verdienen de VRT-medewerkers nog meer respect dan wat alle werknemers verdienen. Burnout krijg je niet van hard werken, burnout krijg je van hard werken waar je geen of veel te weinig waardering voor terug krijgt. Dat is nog op veel plaatsen een probleem binnen VRT. Het is terecht dat er nu wordt gesteld dat de organisatiecultuur de grootste uitdaging is voor VRT, maar ik vrees dat de kernwaarden “Betrokkenheid” en “Respect voor de medewerker” niet in het lijstje van Fier op de VRT voorkomen.
  3. Wij zijn de makers Tijdens een actie in de uitzendregie zei een directeur tegen de aanwezige actievoerders: “Jullie maken misbruik van jullie vakkennis”, waarop wij antwoordden “Wij zijn de vakkennis en je mag blij zijn dat je ons mag leiden”. Achteraf heeft de man ons gelijk gegeven. “Wij zijn de makers” is al enige tijd één van de baselines van ACOD-VRT, die goed weergeeft waarover het gaat. Het zijn wij, de medewerkers die alle producten van de VRT maken. Het is de creativiteit, de toewijding, de ervaring, het groepswerk van ons allemaal samen die van de VRT een openbare omroep maken. Het neoliberaal dogma, dat alle wijsheid van managers en consultants zou komen, is ver weg als men de VRT van dichtbij bekijkt, zeer ver weg.
  4. Paul Lembrechts is de eerste CEO sinds Bert De Graeve De CEO van de openbare omroep wordt aangesteld door de Algemene Vergadering van de openbare omroep. Die Algemene Vergadering is de Vlaamse regering. De andere directieleden worden op voordracht van de CEO goedgekeurd door de Raad van Bestuur van de VRT, waar er dezelfde politieke meerderheid is. Als ge ziet wie er allemaal de revue gepasseerd is, en de naam revue is goed gekozen, want er waren vedetten bij, als CEO, personeelsdirecteur en andere directeurs, dan is het verbazingwekkend dat we nog zo sterk staan. De Vlaamse regering geeft ons prutsers om de omroep te leiden en dat kan bijna geen toeval zijn. Ik steun dan ook volledig het voorstel van ACOD-VRT om drie personeelsleden als leden van de Raad van Bestuur te laten verkiezen door de collega’s. Dit kan zonder het mediadecreet te wijzigen
  5. Er zijn soorten bazen. Soms probeert men ons, strijdbare en marxistische syndicalisten, voor te stellen als mensen die tegen alle bazen zijn. Wij zijn geen anarchisten, wij zijn voor goede bazen. Wij vinden dat een bedrijf en dus zeker een openbare dienst moet geleid worden door bekwame en rechtvaardige mensen. Als vakbond treden we vooral op om problemen op te lossen en komen dan in conflict met de “minder goede” leidinggevenden. Maar dat er in soorten zijn bewees het afscheidsbriefje van een pas gepensioneerde CEO “Wies en Luk, zorg goed voor de VRT”
  6. De slag tussen openbare omroep en staatsomroep Bij de aanstelling voor de nieuwe CEO was er een tegenstelling binnen NVA. Een bepaalde strekking wilde een NVA-getrouwe, een andere wilde de vastgelegde procedure volgen. De tweede strekking heeft het gehaald en Bart kon gaan kniezen op het Schoon Verdiep. Deze tegenstelling weerspiegelt het gevecht tussen staatsomroep, die omroept wat de regeerders van dat moment belangrijk vinden, een beetje Erdogan-style en de openbare omroep, die alle strekkingen en heel de samenleving moet weerspiegelen. De media, ook de klassieke audiovisuele en gedrukte media, blijven in deze tijden van sociale media en internethypes superbelangrijk om de democratie en het niveau van kennis en bewustzijn bij de bevolking in deze of gene richting te beïnvloeden. De aanstelling van een ombudsman bij de VRT-nieuwsdienst is een goede zaak, maar hij heeft nog veel werk.
  7. Meerderheid in Vlaanderen wil openbare omroep, alleen de privé niet In de voorbereiding van elke Beheersovereenkomst worden er telkens hoorzittingen gehouden met alle echte en zogenaamde stakeholders over hun verwachtingen naar de openbare omroep. Zeer opvallend bij de zittingen in 2015 was dat iedereen pro openbare omroep sprak: academische wereld, muziekorganisaties, vertegenwoordigers van de diversiteit in al geledingen, de digitale media,…. Enkel de private mediagroepen waren tegen, deze groepen mochten soms drie keer spreken, één keer als krantengroep (Corelio), één keer als omroep (SBS) en één keer als distributeur (Telenet). Nog merkwaardiger was de Vlaamse regering de meerderheid van de tussenkomsten naast zich neerlegde en enkel inging op de vragen van de private groepen. Wat privatisering concreet betekent zien we dan ook in de Beheersovereenkomst: we worden verplicht een stijgend percentage van onze slinkende middelen te besteden aan aankoop van programma’s en facilitaire diensten in de privé
  8. Diversiteit op de VRT, een schande.  Er is iets dat je maar één keer mag zeggen op VRT: “Racistische verslaggeving van een racistische samenleving”. Daarna moet je de codewoorden van diversiteit gebruiken om het probleem niet op te lossen. Het racisme is in Vlaanderen een zeer groot probleem, nergens krijgen mensen met een migratie-achtergrond minder kansen op vlak van onderwijs, tewerkstelling en wonen. De openbare omroep als instrument van de democratie moet eraan meewerken om dat te veranderen maar faalt. De zeer lage quota op het vlak van personeelssamenstelling worden niet gehaald en op vlak van inhoud en beeldvorming is het niet veel beter. Ik ben ooit gevraagd om deel uit te maken van de stuurgroep diversiteit, er waren enkel leidende personen en niemand met een migratie-achtergrond alhoewel er onder hen genoeg collega’s een zeer positieve inbreng hadden kunnen doen. Ik ben daar weggelopen omdat zelfs de schijn van schijnheiligheid niet kon hooggehouden worden. werk aan de winkel, met de bulldozer.
  9. Kunnen wij de omroep overnemen zoals onze Griekse vrienden? Dit was de eerste vraag die ik stelde aan de ACOD-ploeg toen we hoorden dat onze Griekse vrienden, als antwoord op de sluiting van ERT door de Troika, de omroep in eigen beheer verder zetten. Nikos Tsimpidas, voorzitter van de journalistenvakbond, bezocht ons kort daarna. Ze hadden 1TV-station, ERT2 in Thessaloniki, 15 van de 19 lokale radio’s en “some transmitters in the mountains” in handen. Over zijn eigen job als radiojournalist zei hij dat het de eerste keer was dat hij het gevoel had aan werkelijke openbare omroepjournalistiek te doen. De werkende klasse is meer geschikt om de wereld te leiden, dan managers en consultants en aandeelhouders en zetbazen van de Europese dictatuur.
  10. Sire, er zijn geen helden. “Het einde van een tijdperk”, dat is de commentaar die ik soms hoor over mijn pensioen. Niets is minder waar. Syndicalisme is groepswerk. Dit is altijd de basis geweest van mijn werk als vakbondsman. Soms is er eens een sterke figuur binnen een vakbond of een andere volksorganisatie. Maar die is maar zo sterk als de ploeg waar hij/zij mee samenwerkt. Zo werken wij met ACOD-VRT en zo hebben we de toekomst voorbereid. De ploeg staat er en is met veel en heel goed.
  11. Noodzaak van een vakbond nieuwe stijl. Syndicalisme 2.0. Met vallen en opstaan hebben ik en de vele vrienden en vriendinnen waarmee ik heb samengewerkt binnen ACOD-VRT ervaren dat een ander soort syndicalisme nodig was, omdat er andere tijden kwamen. De openbare diensten werden geprivatiseerd en zelfs in hun geprivatiseerde vorm niet gerespecteerd door de overheid. Het overleg dat ingebakken zat in de vroegere openbare dienst-cultuur verdween en moest heruitgevonden worden. Op een bepaald ogenblik hebben we RespecT vzw opgericht, een parasyndicale organisatie om druk te zetten op het systeem. De eenheid binnen ACOD-VRT is later hersteld en de samenwerking van iedereen is daar de basis.
  12. Binnenkomen deur de veurdeur. Toen we pas verantwoordelijk waren voor ACOD-VRT vroeg de socialistische minister van media de mening van de vakbond over de nieuwe Beheersovereenkomst. Dit leidde tot de brochure “Een syndicale visie op de openbare omroep”. 1200 exemplaren gingen vlot de deur uit, veel meer dan het aantal leden, aan wie we zelfs niet automatisch die brochure hadden bezorgd. Het was het eerste document ter voorbereiding van de nieuwe Beheersovereenkomst 2012-2016 en bepaalde mee het debat. De eerste steen van het politiek syndicalisme is een onderbouwd standpunt over de eigen openbare dienst. Ik kan het iedereen aanraden.
  13. Ik ben niet bang meer. Ik geef het toe, in het begin van mijn revolutionaire carrière was ik bang van de confrontatie. Ik heb geleerd die angst te overwinnen. Vakbonden mogen nooit bang zijn. Niet alleen omdat ze de zaak van de meerderheid verdedigen, maar vooral omdat angst de slechtst denkbare raadgever is. Overmoedig zijn is natuurlijk ook geen optie
  14. Als het personeel eensgezind is, is alles mogelijk Dat hebben we goed gemerkt in de vele acties en initiatieven die er waren tegen de besparingsplannen die ons opgelegd werden door de regering Bourgeois. IedereenVRT, participatiesessies, wilde stakingen, dreigen met zwart en stilte, een spandoek met Hard Boven Hart aan de toren, open brieven van de programmamakers, het was meer dan een kleine opstand, het waren de makers die eensgezind opkwamen voor een echte VRT. De vakbonden werkten eensgezind samen met alle krachten die dat verzet vorm gaven. Fier op de VRT! Dimmen, N-VA en trawanten!
  15. Samen met de Grieken Onze solidariteit met de Griekse bevolking startte voor de sluiting van de openbare omroep, door ontmoetingen met Griekse syndicalisten op internationale vakbondsmeetings. De moed en strijdbaarheid van die mensen klopten op hetzelfde ritme als onze bekommernissen. Talrijke acties, o.a. in het kader van Music for Life en Workers Run gaven vorm aan die solidariteit en openden de ogen van veel leden en vrienden binnen en buiten de VRT over de realiteit van Europa.
  16. “Hart Boven Hard is voor mij even belangrijk als de ACOD” Dit is geen standpunt van mij, maar het geeft wel weer dat de vakbond bewegingen als Hart Boven Hard nodig heeft om zijn leden en de andere collega’s goed te kunnen vertegenwoordigen. ACOD-VRT en ACV-VRT stonden mee aan de wieg van HBH en ook bij de derde parade stonden de VRT-vakbonden mee aan de timmertafel. Fier op de VRT!
  17. Er zijn soorten syndicalisten. In het begin van mijn VRT-loopbaan als syndicalist maakte ik een lijstje van soorten syndicalisten. Van de pure profiteurs tot de echten. Dat was niet zo’n goed plan. Een syndicalist moet de mensen verbinden, niet verdelen. Als vakbondsmens valt er in deze tijden niet veel meer te profiteren, integendeel, dus de realiteit heeft dat probleem opgelost. Alle anderen moeten we een plekje geven waar ze hun inbreng kunnen doen, dat is de echte vakbondsspirit. En misschien de inspiratie voor bijdrage aan het boek “Hyperkineten en autisten in de arbeidersbeweging”
  18. Zie naar de Luk, die is ook niet beschermd en zie wat hij allemaal doet zonder problemen. De bescherming van de contractuele vakbondsafgevaardigden is één van de zaken die we gerealiseerd hebben. Bij de discussie in een bevriende vakbond kwam bovenstaand standpunt naar voor. Dat klopte natuurlijk niet. In dezelfde woelige periode kwamen een lid naar mij “Luk, als er iets met jou gebeurd, wees gerust, dan staan we allemaal aan de poort”. In een discussie met de directie ging het als volgt “Ik ben beschermd!”. De directie: “heu?” Ik: “Niet wettelijk maar wel anderszins, probeer maar eens.” Sommige leidende syndicalisten kunnen beschermd zijn voor de actiedreiging, maar voor de gewone afgevaardigde zijn afspraken nodig. Die er nu zijn op VRT.
  19. Ik kom bij jullie vakbond omdat jullie allemaal echte kameraden zijn voor mekaar. Een mooier compliment van een nieuw lid kan je niet krijgen, commentaar overbodig.
  20. Iedere Vlaming heeft een aandeel van 48€ in de VRT. Creatief actievoeren is in de jaren een basiskenmerk geworden van ACOD-VRT en meestal ook van het vakbondsfront op VRT. Dit kan alleen als we goed luisteren naar de mensen. Het aandeel waar Luc Van den Brande zo fier op is, is een idee van een lid. De onzin-campagne die zijn hoogtepunt bereikte met “onzin is bananen uitdelen aan de poort” ook.
  21. Ik werk niet hé Luk, ik netwerk Een goede raad van een hoofdredacteur, die ik zeer ter harte heb genomen. Ook als syndicalist moet je veel mensen kennen en overal terecht kunnen.
  22. “Arbeidsherverdeling is het nieuwe werken op de VRT” Deze baseline voor onze actie om de vermindering van het beschikbare arbeidsvolume niet automatisch te doen belanden bij naakte en andere ontslagen, is het resultaat van onze permanente aandacht voor de ideeënstrijd. Een vakbond op een bedrijf dat als corebusiness feiten, alternatieve feiten en fictie heeft, moet zich mengen in framing en tegenframing. Tegenover de “waarheid” van regering en directie, stellen wij ons eigen verhaal dat anders naar de wereld kijkt en de mensen hoop op verandering biedt.
  23. “Ik heb daar wel vorming over gehad van jou” Dit antwoord kreeg ik toen ik mijn kameraad Wies zei: “Ge doet dat echt goed met de individuele dossiers.” We hebben als ACOD-VRT veel geïnvesteerd in de jeugd en we hebben ook veel geleerd van die jeugd. Een vakbond die niet investeert in de jeugd is gedoemd om weg te kwijnen en te verdwijnen.
  24. Syndicalisme is een vak. De twee congresboeken van ACOD-VRT van 2012 en 2016 zijn onze handboeken voor dat vak. Nog steeds te verkrijgen, met lesgevers erbij, op ons vakbondslokaal VRT 1N11.
  25. De drie soorten participatieve bedrijfscultuur Er is participatieve bedrijfscultuur met de vakbonden, er is participatieve bedrijfscultuur zonder de vakbonden en er is doen alsof er participatieve bedrijfscultuur is. Toen we dit toelichten bij onze personeelsdirecteur zei hij “Op de VRT zal het wel het eerste zijn”. Zeer juist antwoord.
  26. Weet ge waarom ik marxist ben? Vroeg ik aan mijn eerste VRT-chef, “Ik ben geboren op dezelfde dag als Karl Marx, 5 mei”. Dat van die verjaardag is waar, het andere natuurlijk niet. Het marxisme als analysemethode en als lessenreeks over de geschiedenis van de arbeidersbewegingen heeft me altijd zeer veel geholpen in mijn syndicaal werk. Soms denkt men dat openlijk uitkomen voor je lidmaatschap van een marxistische partij je syndicale taken zal bemoeilijken. Dat is slechts een deel van de waarheid. Eens de eerste tegenkanting overwonnen, is er ook veel respect voor marxistische syndicalisten als men hard en correct werkt. Het marxisme is een deel van de arbeidersbeweging, van de sociale realiteit. Rechtse krachten proberen dat te ontkennen of te onderdrukken. Als men die realiteit op de kaart kan zetten werkt iedereen, wijzelf, vrienden en andere sociale partners, op een correctere basis.
  27. Hebt gij wel opgelet op het 8ste en 9de congres van de PVDA? Ik zeker wel. Met die twee congressen in 2008 en 2015 hebben we het met onze partij wel veel gemakkelijker gemaakt om als militant actief te zijn. Alle sectarisme, ruziezoekerij en betweterigheid werd in de vuilbak van de geschiedenis gegooid en het echte marxisme kon openbloeien. De invloed van die congressen op de progressieve beweging en op mijn eigen vakbonds- en ander actiewerk kan moeilijk overschat worden.
  28. Ik hou van intellectuelen die dialect spreken Ook vrouwen met een Limburgs accent zijn absoluut OK. Mijn dialect was natuurlijk zowel een handelsmerk als een rem om meer in de audiovisuele media te komen. Ik heb ooit een toespraak gehouden in het Nederlands, iedereen sprak daarover en niet over de inhoud. Een VRT-vakbondsleider heeft me ooit eens gezegd dat ik iets moest doen aan mijn Nederlands. Hij is achteraf door de VRT buiten gegooid wegens machtsmisbruik en corruptie. ’t Is niet het goed Nederlands dat bepaalt of je een goede mens bent.
  29. Ook een beroepsrevolutionair heeft recht op pensioen. In mei 1972 verliet ik de universiteit van Gent en richtte met enkele kameraden de Kommunistische Jeugdbond Edegem op, de jongerenbeweging van het toenmalige AMADA. Na een jaar was ik voorzitter van de KJB van heel de provincie Antwerpen. En sindsdien is het in dezelfde zin 45 jaar voort gegaan. Nu zeg ik “Ik heb mijn deel gedaan” en sta ter beschikking van alle bewegingen die ik gediend heb voor raad en vorming
Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s